Lees verder
Circulair inkopen is nog niet zo effectief als het zou kunnen zijn. Dat blijkt uit onderzoek van het RIVM met TNO en CE-Delft. Zij hebben een methode ontwikkeld om de effictiviteit van circulair inkopen te meten.
Redactie / Delft

De methode is getest met twee productgroepen, namelijk circulair inkopen van wegen en kantoormeubilair in 2017 en 2018. Daarmee is bijna 300.000 ton materiaal bespaard en de uitstoot van 27.000 ton broeikasgas voorkomen. Dit effect is echter nog niet maximaal, zo stellen de onderzoekers. Dat heeft vaak meer te maken met organisatie dan met de technische mogelijkheden. Het rapport is te downloaden vanaf de website van het RIVM.

ISO-normen

Organisaties kunnen hun circulair inkoopproces het beste vorm geven aan de hand van de ISO 20400 standaard voor Maatschappelijk Verantwoord Inkopen (MVI), stelt het Nederlands Normalisatie Instituut (NEN). ISO 20400 is breder dan de circulaire economie alleen, maar besteedt er wel specifieke aandacht aan. Daarmee kunnen organisaties hun visie op het gebied van circulaire economie uitwerken in hun inkoopbeleid. Gaat het bijvoorbeeld om de inkoop van producten die afkomstig zijn van herwonnen materialen, staat centraal dat de producten die nu worden ingekocht, in de toekomst kunnen worden hergebruikt?

Op dit moment worden er diverse normen ontwikkeld voor circulaire producten en diensten. Normen zorgen ervoor dat de inkoper en leverancier dezelfde taal spreken. Kijk voor meer informatie en/of om deel te nemen aan de normontwikkeling op de website van NEN.