Lees verder
De onderzoeksfaciliteiten van MNEXT (voorheen het Centre of Expertise Biobased Research) zijn meer dan goed uitgeruste labs alleen. Dat wordt duidelijk in de eerste uitgave van MNEXT’s Future Rethinker Magazine dit jaar. Het zijn plekken waar studenten, onderzoekers en bedrijven samen werken aan oplossingen voor vraagstukken rond duurzame materialen, energietransitie en circulariteit — om ideeën sneller om te zetten in concrete toepassingen.
Redactie / Breda

De pas verschenen special van Future Rethinker biedt een blik achter de schermen in het ecosysteem van fieldlabs, werkplaatsen en onderzoekscentra waarin theorie en praktijk direct samenkomen. Van slimme energienetwerken tot biobased bouwmaterialen en nieuwe voedselconcepten: innovatie krijgt hier letterlijk vorm.

Van grondstof tot toepassing

Een treffend voorbeeld van die integrale aanpak is het MycoClay-project, waarin onderzoekers onderzoeken hoe klei en mycelium kunnen worden gecombineerd tot circulaire bouwmaterialen. Het onderzoek vindt plaats in twee gespecialiseerde faciliteiten: het Joint Research Centre Zeeland (JRCZ) en het Joint Research Centre Breda (JRCB). Beide labs spelen een cruciale rol bij het analyseren van grondstoffen, het testen van verwerkingstechnieken en het ontwikkelen van biocomposieten.

In Zeeland ligt de nadruk op de basis. Klei wordt er onderzocht op samenstelling, deeltjesgrootte en zoutgehalte — eigenschappen die bepalen hoe het materiaal zich gedraagt in een biocomposiet. Tegelijk testen onderzoekers biobased coatings en natuurlijke lijmen zoals alginaat en chitosan om materialen milieuvriendelijk te verbinden.

Breda vormt vervolgens de vertaalslag naar de praktijk. Hier wordt klei gecombineerd met geselecteerde myceliumsoorten om prototypes te ontwikkelen en optimale verwerkingsmethoden te bepalen. Het doel: een protocol waarmee toekomstige onderzoekers kunnen voortbouwen op schaalbare, duurzame materialen.

Bouwen aan beter onderzoek

Het Joint Research Centre Breda laat zien hoe krachtig multidisciplinair samenwerken kan zijn. In het moderne laboratorium werken onderzoekers naast mbo-studenten, terwijl lectoraten apparatuur delen — van fermentoren tot geavanceerde gaschromatografie.

Volgens labmanager Serena Buscone is het bijzonder dat de faciliteit volledig is ingericht voor onderzoek. Experimenten kunnen dagen of weken doorgaan zonder onderbreking, waardoor onderzoekers nieuwe methoden kunnen testen en gemakkelijker met collega’s uit andere disciplines kunnen schakelen.

Voor studenten betekent dat leren in een echte onderzoeksomgeving. Zo wist stagiaire Loïs Maas de meettijd van een gaschromatografiemethode terug te brengen van meer dan twintig minuten naar vijf.

Experimenteren centraal

Waar het JRCB sterk leunt op labonderzoek, draait het in het Living Greenlab vooral om maken. Wat tien jaar geleden begon als een geïmproviseerde werkplaats groeide uit tot een volwaardige onderzoeksfaciliteit waar onderwijs, onderzoek en praktijk elkaar ontmoeten.

Een vroeg project — de bouw van een volledig biobased voetgangersbrug door studenten van mbo tot universiteit — liet zien wat samenwerking in de praktijk kan opleveren. Later ontstond ruimte voor grotere demonstratoren, zoals de CBCI-unit, een full-scale biobased demonstratiegebouw waarin materiaalkeuzes, constructie en onderwijs samenkomen.

Experimenteren staat centraal: studenten krijgen de vrijheid om te ontwerpen, te bouwen en fouten te maken — een aanpak die treffend wordt omschreven als ‘spelen voor volwassenen.’ Bedrijven gebruiken het lab bovendien als testomgeving, bijvoorbeeld voor modulaire woningen en myceliumisolatie, waaronder een demontabel houten ‘wikihuis’ zonder staal of schroeven, dat is opgebouwd als een grote houten puzzel.

Energietransitie in het klein

Niet alleen materialen krijgen aandacht. In Breda biedt het Smart Energy Delivery Lab (SEnD Lab) een leer- en experimenteeromgeving voor slimme energienetwerken. Hier onderzoeken studenten, onderzoekers en bedrijven hoe vraag en aanbod van duurzame energie beter in balans kunnen worden gebracht — bijvoorbeeld door elektrische voertuigen te integreren in gebouwsystemen of netcongestie te voorkomen.

De faciliteit beschikt onder meer over een smart-gridopstelling en maakt zelfs experimenten op afstand mogelijk, waardoor flexibel onderzoek kan plaatsvinden.

Plek voor biopolymeren

Ook de kunststoftransitie krijgt een plek binnen MNEXT, onder meer in het Biopolymeer Applicatie Centrum (BAC) in Breda. Dit centrum ondersteunt praktijkgericht onderzoek naar biobased polymeren en helpt bedrijven, start-ups en studenten bij het ontwikkelen, testen en toepassen van bioplastics.

In de werkplaats worden bijvoorbeeld materiaaleigenschappen geanalyseerd, prototypes ontwikkeld en toepassingen onderzocht voor verpakkingen, bouwmaterialen en textiel. Daarmee fungeert het BAC nadrukkelijk als brug tussen materiaalinnovatie en productontwerp.

Chemie die je kunt proeven

Nog een schakel tussen wetenschap en praktijk is het Food Innovation Lab in Middelburg. Volgens lector Tanja Moerdijk vormt het “de schakel tussen onze chemielabs en de praktijk.” Hier onderzoeken onderzoekers hoe chemische kennis de voedseltransitie kan versnellen — bijvoorbeeld bij het winnen van eiwitten uit mosselen of zeewier en het verbeteren van fermentatieprocessen. Omdat smaak uiteindelijk “parameter nummer één” is, worden producten daadwerkelijk ontwikkeld en getest in een omgeving die oogt als een professionele keuken met extra apparatuur.

Door reststromen te benutten, nieuwe ingrediënten te creëren en voedselverspilling te verminderen, draagt het lab bij aan een regionale circulaire economie.

Ecosysteem voor innovatie

Samen vertellen deze faciliteiten één verhaal: innovatie ontstaat niet in afzondering, maar juist op plekken waar disciplines samenkomen en waar leren, onderzoeken en maken in elkaar overlopen. Of het nu gaat om circulaire bouwmaterialen, bioplastics, slimme energienetwerken of nieuwe voedselconcepten — in de labs van MNEXT wordt gewerkt aan oplossingen die niet alleen bedacht, maar ook gebouwd en getest worden. Precies daar, op de grens van theorie en praktijk, krijgt de duurzame toekomst vorm.

Lees het volledige Future Rethinker Magazine online.

Beeld: JRCZ, MNEXT