Lees verder
Om te laten zien wat voor moois en relevants er met Europees subsidiegeld gebeurt, presenteerden negen Europarlementariërs in Brussel een selectie van spraakmakende projecten. Daaronder was ook het BIO-HArT bioaromaten project, op voorspraak van de Nederlandse vertegenwoordiger Lambert van Nistelrooij. Senior Business Developer Monique Wekking van TNO greep de gelegenheid aan om aandacht te vragen voor de uitdagingen van biobased chemische innovatie.
Harm Ikink

Met het project ‘Let the Stars Shine’ zetten negen Europarlementariërs op initiatief van Lambert van Nistelrooij (EVP/CDA) een groot aantal Europese projecten in het zonnetje. Met een speciale tentoonstelling in het Europees parlement in Brussel, in de derde week van juni, maakten ze duidelijk waar Europa er in het leven van alledag toe doet. Elk van de negen parlementsleden selecteerde een aantal ‘etalageprojecten’ uit eigen land. Van Nistelrooij: “Veel mensen kennen van die EU-borden langs de weg, met teksten als: ‘deze brug is medegefinancierd door de Europese Unie’. Maar bij veel onderzoeksprojecten, onder meer voor biobased materialen, wordt de relevantie van de EU steun niet meteen duidelijk. Daar brengen wij verandering in. We laten mensen aan het woord die ervaring hebben met Europa, die een project hebben gerealiseerd met EU steun. Zij zijn de sterren die we laten fonkelen!”

Als warm pleitbezorger van de biobased economie koos Van Nistelrooij onder andere voor BIOHArT. In dat project werkt het shared research center Biorizon vanuit de Green Chemistry Campus in Bergen op Zoom samen met partners aan industriële processen voor de productie van aromaten (chemische grondstoffen) uit biomassa. Het is een internationaal miljoenenproject met tien Nederlandse en Belgische universiteiten, onderzoeksinstellingen en bedrijven, gesteund door het Europese Interreg V Vlaanderen-Nederland programma. Van Nistelrooij: “Ik draag de circulaire bio-economie een warm hart toe, want zij is de motor voor een slimmer, duurzamer en competitiever Europa. Regionale projecten zoals rond de Green Chemistry Campus verdienen betere zichtbaarheid.”

Vergroenen van de chemie

Monique Wekking is blij met de selectie, vooral omdat BIO-HArT het enige project is dat gericht is op verduurzaming van de chemische industrie. Zo’n veertig procent van de industrieel geproduceerde chemicaliën is gebaseerd op aromaten – een bepaald type moleculen met een bijzondere chemische structuur. Door die uit biomassa te maken kan BIO-HArT een enorm belangrijke bijdrage leveren aan het vergroenen van de chemie. Wekking: “We willen laten zien hoe belangrijk het is om de transitie in de chemische industrie te versnellen. Ik zie de keuze van ‘Let the Stars Shine’ als de erkenning dat dit werk voor de EU van belang is. In Europa lopen we voorop maar zelfs in mondiaal perspectief is Biorizon bijzonder. Je vindt nergens anders zo’n shared research centrum waarin een consortium samenwerkt om doorbraaktechnologie in bio-aromaten te ontwikkelen.”

Wekking greep de presentatie in Brussel aan om de Europese parlementariërs duidelijk te maken dat het Europese beleid bepalend is voor het succes van projecten als BIO-HArT. “Wie biomassa benut voor energie-toepassingen kan aanspraak maken op allerlei subsidies. Dat is in veel mindere mate het geval als je, zoals Biorizon, biomassa gebruikt voor de productie van chemische bouwstenen. Dat steekt, en het belemmert onze ontwikkelingsmogelijkheden. Ik zou hier graag een level playing field zien. Dat wilde ik in Brussel graag duidelijk maken.”

Daarnaast speelt de beprijzing van CO2-emissies een belangrijke rol in de business case van een bio-aromatenfabriek. “Als we in de chemie willen omschakelen van fossiele naar natuurlijke, CO2-neutrale bronnen, dan zullen we concurrerende alternatieven moeten aanbieden. ViaCO2-beprijzing kun je bio-aromaten een voordeel geven ten opzichte van aromaten uit aardolie. De Topsector Chemie is daar een sterk voorstander van, maar zoiets kunnen we niet alleen in Nederland doen, dat moet op Europees niveau geregeld worden.”

Van Nistelrooij is zich daarvan bewust: “Voor de biobased economie bestaan nog steeds veel barrière

s. Veel innovaties vandaag riskeren onbenut te blijven, omdat bedrijven hun financiering niet rond krijgen. Daar ligt dus een rol voor de overheid.”

Betere eigenschappen

Wekking begrijpt dat het voor de gemiddelde Europarlementariër lastig kan zijn de relevantie van Biorizon te doorgronden. Bio-aromaten zijn chemische halffabricaten waar op zich weinig ‘groens’ aan te zien is. “Gelukkig zijn we met BIO-HArT inmiddels zo ver dat we proefsamples kunnen leveren aan toekomstige industriële afnemers. Die hebben al laten zien dat je er bijvoorbeeld coatings, smeermiddelen en polyurethaan kunststoffen van kunt maken. Die producten zijn duurzamer, hebben een sterk gereduceerde CO2 footprint en bezitten bovendien betere eigenschappen dan vergelijkbare producten gemaakt op basis van aardolie. Dat hebben we in Brussel graag laten zien!”

Dit artikel kwam tot stand in samenwerking met Biobased Delta.