Lees verder
Gelderland heeft de lat hoog gelegd. Het wil in Nederland de eerste afvalloze provincie worden en de hoeveelheid afval in 2030 met de helft reduceren. Daarbij zet het vooral in op input: minder grondstoffen en meer hernieuwbare grondstoffen. Vandaar dat biobased een integraal onderdeel vormt van de circulaire agenda van de provincie.
Lucien Joppen

Willem Huntink, programmaleider Circulaire Economie bij de provincie Gelderland, is nauw betrokken bij het opstellen van de agenda. ‘De circulaire economie is onafwendbaar. Grondstoffen worden steeds schaarser. Het weggooien of verbranden van deze grondstoffen zal dan ook minder aantrekkelijk worden, zowel economisch als ecologisch. Vandaar dat de provincie een afvalloze toekomst aan de horizon ziet.’
Volgens Huntink ligt de sleutel voor dit streven in eerste instantie aan de inputkant. Als de industrie en de inwoners minder grondstoffen gebruiken, is er ook minder afval. ‘De Gelderse industrie gebruikt jaarlijks 44,7 miljoen ton aan grondstoffen/materialen. Fossiele brandstoffen (olie, gas) nemen de helft in beslag, mineralen (14 procent) en chemie (9 procent) volgen op afstand. In totaal gebruikt de industrie 1 miljoen ton afval als grondstof. Dit volume kan en moet hoger, onder andere door hergebruik te stimuleren en alternatieve grondstoffen te ontwikkelen, onder meer via regionale ketens.’

Inkoopbeleid

Nu vindt deze transitie niet vanzelf plaats, zo erkent Huntink. Vandaar dat de provincie als aanjager fungeert. ‘Wij zullen allereerst het goede voorbeeld moeten geven. Dat doen we nu al op een aantal terreinen, waaronder circulair inkopen. Net als bij biobased inkopen zullen lokale overheden hun organisatie voor moeten bereiden op de groei in circulaire concepten. De betrokken partijen bij een kooptraject – bestuurders, inkopers en opdrachtgevers – moeten op een lijn zitten. Relevante vragen zijn onder meer: wat zijn de circulaire doelstellingen van de provincie en kunnen deze worden vertaald naar concrete richtlijnen voor inkopers? Welke instrumenten zijn nodig zodat inkopers kunnen beschikken over harde inkoopcriteria, waarmee zij hun keuzes kunnen verantwoorden? Hoe kun je circulaire parameters als materiaalgebruik (o.a. LCA) wegen tegen andere criteria als prijs? Kortom, we werken, samen met publieke en private partijen, hard om de voorwaarden te scheppen voor een circulair inkoopbeleid voor de publieke sector.’

Auping

Naast de vraagkant zal ook het aanbod toe moeten nemen. Huntink stelt dat het bedrijfsleven nog niet op grote schaal bezig is met circulaire business modellen. ‘Blijkbaar is de noodzaak er nog niet en verdienen ze hun geld met wat ze al jaren doen. Het begint met bewustwording. Hierin neemt de provincie haar verantwoordelijkheid door bijeenkomsten voor het mkb te organiseren, waarin collega-ondernemers vertellen over hun circulaire successen. Inmiddels zijn er verschillende bedrijven die stappen hebben gezet, zoals een Auping die matrassen leaset of een producent als uit Almelo die lichter, sterker een duurzamer beton produceert door natuurlijke vezels bij te mengen.’ Biogebaseerde grondstoffen – materialen en energie – vormen een integraal onderdeel van de Gelderse circulaire agenda. Zo zijn verschillende bedrijven(clusters) actief om natuurvezels te gebruiken voor textiel, biocomposieten (verpakkingen) of toepassingen in papier/karton. ‘De andere routes zijn mestverwaarding, vooral richting nutriënten, en de overgang naar plantaardige eiwitten. Voor deze drie aandachtsgebieden zien we de beste marktkansen en de meeste impact op de ecologie.’