Alle artikelen

Geen green washing maar green business

Beeld: TNO - Het gebruik van SGM levert ook waardevolle inzichten op over de milieu-impact tijdens de gebruiksfase van producten. (zie voorbeeld glas).
Sustainable Growth Metrics

‘Veel bedrijven willen hun processen en producten verduurzamen, maar missen een wetenschappelijk model om in te schatten wat het effect op hun (toekomstige) business is. SGM (Sustainable Growth Metrics) is een methodologie waarmee ondernemingen verduurzaming om kunnen rekenen naar ecologische en economische winst.’

Dat stelt Jan Willem Slijkoord, business developer chemie bij TNO, de organisatie achter de SGM-tool. ‘Op basis van de SGM-methodologie kunnen bedrijven betere en meer consistente besluiten nemen om hun duurzaamheidsambities te realiseren. Bovendien kan SGM bijdragen om het onderscheidend vermogen van bedrijven te versterken. We merken in de chemie, voeding- en de maakindustrie dat bepaalde ondernemingen het voortouw nemen in het verduurzamen van processen en producten. Zij doen dat niet alleen omdat ze zaken als klimaatverandering tegen willen gaan, maar ook omdat ze economisch perspectief zien voor processen en/of producten die duurzamer zijn.’ Het punt is alleen: hoe maak je de impact op het milieu in al haar facetten meetbaar? Het antwoord: een LCA-analyse. ‘Klopt, een LCA-analyse vormt een solide basis om de milieu-impact in kaart te brengen’, aldus Toon van Harmelen, milieukundige bij TNO en de geestelijke vader van SGM. ‘Echter, LCA-studies hebben ook hun beperkingen.’

Monetarisering van milieu-effecten
Vandaar dat TNO – met de LCA als fundament – de SGM-tool heeft ontwikkeld die het gehele spectrum: van grondstof tot proces, van gebruik tot end-of-life afdekt en hier ook monetaire waardes aan hangt. De tool wordt, behalve door LCA-data, gevoed met data die betrekking hebben op het product en zijn toepassing.
‘We rekenen alle milieu-impacts om in euro’s’, aldus Van Harmelen. ‘Wat zijn de kosten om bijvoorbeeld vervuiling op te ruimen? Of de CO2 die wordt gegenereerd in het proces, het landgebruik en ga zo maar door. We kunnen hiermee de gevolgen ook wegen voor hun milieu-impact, iets dat een LCA niet doet. Met andere woorden, welke vorm van milieu-impact weegt het zwaarst, bijvoorbeeld voor de afnemer?’

Slijkoord vult aan: ‘Zo kunnen bedrijven inzichtelijk maken wat de externe kosten voor de samenleving zijn, gespecificeerd naar milieu-impact als het bijvoorbeeld over zou gaan van een fossiele feedstock naar biomassa. Vaak wordt automatisch verondersteld dat biomassa een gunstigere milieu-footprint heeft. Maar is dat wel zo voor alle soorten biomassa, en, zo ja, in welke mate? We zien dat met name reststromen een lagere milieu-impact hebben, terwijl geteelde biomassa moeilijker tot een milieuwinst komt ten opzichte van fossiele grondstof.’

Duurzame producten en processen

Daarmee wordt ook het potentieel van SGM duidelijk. Het geeft zowel inzicht in de mate van duurzaamheid van de productie als de mate van duurzaamheid van producten in de markt. Een duurzame productiewijze leidt tot een license to operate. Producten die op de markt in duurzame behoeften voorzien een license to market.

Slijkoord: ‘Een duurzaamheidsmethodiek hebben is mooi, maar het is van belang dat deze breed toepasbaar is voor alle medewerkers binnen een bedrijf. Zo heeft iemand uit de productie andere informatie uit SGM nodig om zijn duurzaamheidsperformance te bepalen dan zijn of haar collega van de marketing of de R&D-afdeling. SGM stelt bedrijven in staat om op transparante wijze die informatie te verkrijgen waarmee elke medewerker kan bepalen of zijn of haar duurzaamheidsdoelen al dan niet behaald worden.’

Green business

Dat geldt eveneens voor de markt. Consumenten zullen vaker in hun aankoopgedrag duurzaamheidsfactoren meenemen. Brand owners die hun producten verduurzamen, zullen wel inzichtelijk moeten maken dat de milieu-impact van hun producten is gereduceerd, bij voorkeur in kwantitatieve zin. Daarvoor zijn deze spelers wel afhankelijk van toeleveranciers die aan kunnen tonen dat hun halffabrikaten bijdragen aan een betere milieu-footprint. ‘Met SGM kunnen de marketing en sales afdelingen van deze bedrijven ook concreet maken wat de impact is: van greenwashing naar green business’, aldus Slijkoord.
‘Het is behoorlijk complex’, zegt Van Harmelen. ‘Een consumentenproduct, neem een auto, bestaat uit duizenden onderdelen die elk hun eigen milieuvoetafdruk hebben. Uit een onderzoek dat we hebben uitgevoerd, blijkt dat de milieu-footprint van materialen in automotive groter is dan gedacht. Dat is een belangrijk inzicht voor de producent, omdat deze een aanzienlijke winst kan boeken in de keuze van zijn materialen. Voor de leveranciers is het van belang dat ze weten wat de relatieve impact is van hun onderdelen in het geheel. Zo krijgen beide partijen zicht op de milieu-impact, zij het vanuit hun perspectief.’

Must have

SGM wordt inmiddels toegepast door Solvay, de launching customer. Deze chemiereus heeft de tool SPM (sustainable portfolio management) genoemd en gebruikt het in haar organisatie als een meetlat om haar portfolio door te lichten en te verbeteren. Daarbij deelt het bedrijf de producten in drie groepen: positief, neutraal en risicovol. Het streven is om in 2025 een substantiële verschuiving te realiseren richting duurzaamheid.
Slijkoord: ‘Inmiddels werken ook andere bedrijven met SGM. Vanzelfsprekend is de tool ook inzetbaar op projectniveau. Zo hebben we deze ingezet in het Biorizon-consortium om de milieu-impact van verschillende feedstocks te bepalen met het oog op bepaalde applicaties. SGM doet haar werk op verschillende niveaus op basis van solide wetenschappelijke inzichten. Kortom, een must have.’


Dit artikel is tot stand gekomen in samenwerking met TNO.