Lees verder
In de Biobased Delta werken overheden uit Zeeland, Noord-Brabant en Zuid-Holland samen met het mkb, multinationals en kennisinstellingen aan de versnelling van een biobased economy. De programma’s en activiteiten richten zich zeker niet alleen op grote ondernemingen. ‘Ook het midden- en kleinbedrijf hebben wij veel te bieden’, stelt directeur Rop Zoetemeyer van de Biobased Delta.

Rop Zoetemeyer staat sinds april 2016 aan het roer van de Biobased Delta. Hij volgde Willem Sederel op, die zich nu in het bestuur met internationale zaken bezighoudt. Zoetemeyer was jarenlang CTO bij Corbion en werkt ook als adviseur bij Cosun. Het bestuur en de raad van toezicht van de Biobased Delta bestaat volgens hem uit een enthousiaste en gemotiveerde groep ervaren mensen. Door hun goede contacten met overheden, bedrijfsleven, kennisinstellingen en andere relevante partijen krijgen ze tot op het hoogste niveau deuren geopend. ‘Een mooi voorbeeld is de bouw van een grootschalige bioraffinaderij voor houtsnippers in de haven van Rotterdam. Hiervoor hebben wij inmiddels een partij gevonden met serieuze belangstelling om te investeren.

Avantium

Biobased Delta richt zich met de grotere programma’s Sugar Delta, Redefinery en Biorizon zeker niet alleen op grote ondernemingen. ‘Ook de kleinere ondernemingen kunnen hun voordeel doen met de ontwikkelingen binnen deze programma’s’, benadrukt Zoetemeyer. ‘Neem bijvoorbeeld bedrijven als Avantium en Progression Industry die actief participeren in Biorizon.’

De regionale ontwikkelingsmaatschappijen REWIN West-Brabant, InnovationQuarter en Impuls Zeeland spelen volgens hem een belangrijke rol bij het uitvoeren van de mkb-agenda van de Biobased Delta. Zo zijn ze voorzitter van de valorisatieteams die mkb’ers ondersteunen om hun innovaties te verwaarden. Deze teams hebben een goed overzicht van de faciliteiten, zoals proeffabrieken, waar mkb’ers terechtkunnen om hun innovaties verder naar de markt te brengen. Daarnaast organiseert de BioBased Delta, samen met de regionale ontwikkelingsmaatschappijen, jaarlijks business developmentdagen die op het mkb zijn gericht.

Natuurvezels

Zoetemeyer en zijn collega’s van de Biobased Delta richten zich vooral op het creëren van synergie tussen de verschillende provincies. ‘Als ik een interessante ontwikkeling in Zeeland signaleer die relevant is voor Brabant of Zuid-Holland, regel ik dat de juiste contacten worden gelegd.’ Ook zorgen de directeur en zijn team voor de connectie tussen grote en kleine bedrijven. ‘Recent heb ik Cargill nog in contact gebracht met Millvision, zodat ze eventueel kunnen samenwerken bij de ontwikkeling van op natuurvezels gebaseerde biobased producten.’

De regionale ontwikkelingsmaatschappijen spelen verder een belangrijke rol bij het aantrekken van de benodigde financiering voor mkb’ers. De ontwikkelingsmaatschappijen beschikken immers, in tegenstelling tot de Biobased Delta, over fondsen om de kleinere ondernemingen te steunen om de noodzakelijke vervolgstappen in de bedrijfsvoering te maken.

Pyrolysecluster Moerdijk

Een van de meest concrete voorbeelden is de voucherregeling van de provincie Zeeland, uitgevoerd door Impuls Zeeland, die vorig jaar weer is opengesteld. ‘Mkb’ers kunnen maximaal tienduizend euro aanvragen’, zegt Peter Bijkerk, projectmanager Biobased economy van Impuls Zeeland. ‘Acht bedrijven hebben hiervan gebruikgemaakt, maar de huidige regeling voorziet in maximaal vijftien bedrijven.’

‘Wij houden wel bij welke subsidies de regionale ontwikkelingsmaatschappijen aanvragen’, zegt Zoetemeyer. ‘Ook proberen wij hierin te sturen door op thema’s te focussen. Zo heeft REWIN, met ondersteuning van de Biobased Delta, eind vorig jaar de benodigde Europese financiering aangetrokken voor het pyrolysecluster in Moerdijk.’

Met pyrolyse krijgen weggooipallets, gebruikte plastic folie, maar ook walnootschillen, rioolslib en andere niet-recycleerbare stromen een tweede leven. Door dit soort afval thermisch te recyclen, verdwijnt het niet meer in de verbrandingsoven, maar kunnen er waardevolle chemische bouwstenen uit worden gehaald.

Pilot plants

Mkb’ers kunnen mede door de Biobased Delta en de regionale ontwikkelingsmaatschappijen steeds vaker terecht op locaties waar ze, eventueel met hulp van onderzoeksinstellingen, hun innovatieve ideeën kunnen testen en op semi-industriële schaal produceren. Zoetemeyer zet een aantal voorbeelden op een rij. ‘Mkb’ers kunnen gebruik maken van faciliteiten bij PlantOne in Rotterdam, de Bioprocess Pilot Facility in Delft en de Bio Base Europe Pilot Plant in Gent. Dit zijn vooral grootschaligere demofaciliteiten. Voor kleinere projecten kunnen ze terecht bij applicatiecentra, zoals de natuurvezel- en biopolymerenapplicatiecentra.’

Zeewierboerderijen

De mkb-bedrijven die zich in Zeeland op de biobased economy richten, zijn volgens Bijkerk vooral geïnteresseerd in praktische toepassingen, bijvoorbeeld hoe je biobased vezels kunt toevoegen aan plastic. Hiervoor kunnen ze onder meer terecht in de biobased garden van de Rusthoeve in Colijnsplaat. Diverse partijen telen hier talrijke gewasssen die op termijn toepasbaar zijn in de biobased economy. Speciaal voor het mkb worden regelmatig inspiratiesessies georganiseerd. Bijkerk ziet naast de suikerbiet ook veel mogelijkheden voor wieren als grondstof voor biobased toepassingen. Er komen volgens hem dan ook steeds meer “zeewierboerderijen”, die zich vooral richten op de hoogwaardige en waardevolle inhoudsstoffen.

Stap naar de markt

Ook in Zuid-Holland ontbreekt het volgens business developer Henk Vooijs van het Innovation Quarter niet aan mkb-bedrijven met goede ideeën op het gebied van de biobased economy. ‘Maar om de stap naar de markt te maken, is gerichte ondersteuning soms nodig. Bijvoorbeeld door stimuleringsregelingen, zoals de Mkb-innovatiestimulering topsectoren Zuid-Holland, om de haalbaarheid van een innovatie te onderzoeken’, legt hij uit. Voor een haalbaarheidsonderzoek is maximaal 25 duizend euro beschikbaar (40 procent van de subsidiabele kosten). Indienen van projecten kan vanaf 11 april. Verder is er het UNIIQ-fonds om ondernemers in Zuid-Holland te helpen om hun innovatie sneller naar de markt te brengen. Het richt zich op het overbruggen van de meest risicovolle fase van concept tot veelbelovend bedrijf.

Biobased for SME

Het InnovationQuarter werkt in projecten samen met bedrijven en regionale organisaties die hier al mee bezig zijn, bijvoorbeeld gemeentes, provincie en het Havenbedrijf Rotterdam.

De regionale ontwikkelingsmaatschappij REWIN en de Brabantse Ontwikkelings Maatschappij BOM ondersteunen mkb’ers eveneens op diverse manieren. ‘In het project Biobased for SME werken wij met partners uit Engeland, België, Frankrijk en Duitsland samen met het mkb aan diverse  projecten’, zegt business developer Dennis van der Pas van REWIN. ‘Hierbij stimuleren wij het gebruik van vouchers die mkb’ers in applicatiecentra toe kunnen passen.’

REWIN heeft vouchers beschikbaar van 4000 tot 100.000 euro. Vorig jaar maakten vier bedrijven gebruik van zes vouchers. Daarnaast brengt REWIN groepen ondernemers bij elkaar die samen een waardeketen kunnen vormen. ‘In de zes clusters, variërend van verpakkingen, pyrolyse, bouw en infra tot horticultuur en coatings en kleurstoffen, proberen wij met de ondernemers tot een business case te komen, zodat ze hun innovatie succesvol naar de markt kunnen brengen.’